Voor essentiële gesprekken en effectieve samenwerking

Dialogisch 3

Na de geslaagde lessenreeks over dialoog voor 3 HAVO en VWO, mocht ik een aantal workshops gesprekstechnieken verzorgen voor eerstejaars MBO High Tech Metalelektro op het Koning Willem 1 College in Den Bosch. Allemaal jongens, tussen de 16 en 18 jaar, geïnteresseerd in techniek, maar niet in gesprekstechniek. En al helemaal niet in zoiets vaags als burgerschap, wat ook in de workshops aan bod moest komen.

Tijdens de eerste workshop ontmoette ik dus nogal wat weerstand, niet tegen mij persoonlijk, maar vooral tegen de oefeningen: luisteren, (open) vragen stellen en samenvatten. En toen ze een argumentatie-oefening kregen aan de hand van een aantal stellingen, weigerden ze dit. De stellingen waren niet interessant, ze wilden liever debatteren over de stelling: ‘ minder Marokkanen in Nederland’. Uit de verhitte discussie die daarna ontstond werd één ding duidelijk: van gesprekstechniek en burgerschap hadden ze niet veel begrepen.

Vastbesloten om deze jongens te laten ervaren hoe het is om wel naar elkaar te luisteren, respect te tonen en waardering te krijgen, bereidde ik een dialoog voor over een onderwerp dat hen allemaal raakt: de opleiding die ze volgen. Hoe vinden ze die tot nu toe, wat kan er beter en wat kunnen zij daar aan doen? Het resultaat was verbluffend: in de kleine groepjes ontpopten de opstandige jongens zich tot positieve en constructieve studenten die een lijst van verbeterpunten samenstelden die ze aan elkaar presenteerden. En die ze binnenkort met de schoolleiding gaan bespreken.

Maar er gebeurde nog iets anders. De provocerende en discriminerende opmerkingen die de sfeer in de klas al een tijd domineerden, werden ineens bespreekbaar. Uit de rondvraag aan de jongens of ze de volgende workshop wilden besteden aan een dialoog over (gebrek aan) respect en discriminatie, bleek dat 20 van de 24 leerlingen daarvoor kozen. En zo gebeurde het dat deze jongens in één week twee keer de dialoogtechniek toepasten en zo – ongemerkt – invulling gaven aan het thema burgerschap.

Het was ook hard nodig. Want uit de tweede dialoog werd duidelijk dat de meeste jongens veel last hadden van de onrust in de klas, die werd veroorzaakt door enkele jongens die elkaar steeds uitdaagden en daarmee alle aandacht van de docenten opeisten. Die daar, volgens de jongens, vaak niet goed op reageerden. Hoe moet het dan wel? vroeg ik hen. Gewoon normaal doen. Dat wil zeggen: niet uitdagen en niet op elke opmerking reageren. En als dat toch niet lukt? De klas uit of – in overleg met de docent – je even afsluiten door een koptelefoon op je hoofd. Of, zoals één van de grootste uitdagers het zelf verwoordde tijdens de klassikale terugkoppeling: behandel elkaar, zoals je zelf behandeld wil worden.

Dialogisch, toch?

Geef een reactie